NBJS

Tijd voor een opwaardering van de electronica van ons scheepje. Een windrichting – en windsnelheidsmeter staat al een tijd op de verlanglijst. Evenals een nieuw log voor de vaart en en afgelegde afstand. Nu is het zo dat apparatuur een ‘beperkte houdbaarheidsdatum’ heeft. De boot gaat in principe langer mee dan de elektronica. En een gat in de romp of kajuit is eerder gemaakt dan gedicht. Vandaar de keuze voor een NASA Easylog dat de data ontvangt van de aanwezige GPS. En een NASA Windmeter van het type V2. Waarvan de displays gemonteerd gaat worden in een losse console om ook andere elektronica in te plaatsen. Met als voordeel dat het spul binnen opgeborgen kan worden, wanneer de boot niet gebruikt wordt of in de winterstalling gaat. Hieronder het project ‘instrumentenconsole’.

Construeren

Console voor instrumenten uit multiplex

We zijn begonnen met de draagbalk, en deze opgebouwd uit twee stroken multiplex en deze met constructielijm in een gebogen vorm op elkaar gelijmd. De boogvorm is gevormd door in het midden een houten balkje onder de twee latten te leggen einde uiteinden met lijmklemmen naar de vlakke ondergrond te trekken. Iets meer buiging dan de te bereiken vorm, want het veert weer wat terug na het lossen van de klemmen. Daarna de voor- en achterzijde tegen de gebogen draagbalk aan lijmen, met vulstukken aan de zijkanten. Daar ook aan de bovenzijde een dubbeling aangebracht voor meer lijmoppervlak voor het deksel en met het oog op het rondschaven van de hoeken. Daarna het bovenblad op de console gelijmd, met de ronding mee met lijmklemmen rondom.

Het multiplex gefineerd met teak
Aan de achterzijde een deksel om bij de aansluitingen van de electra te kunnen.

Fineren

Na het construeren van de console zijn er de openingen gezaagd, aan de achterzijde om bij de bedrading te kunnen komen, aan de voorzijde om de dispay’s in te monteren. Er is ruimte voor vier instrumenten, maar wij kiezen voor drie instrumenten. Daarmee zal ons scheepje rijkelijk zijn voorzien, naast de al aanwezige instrumenten in de kajuitschotten. Vervolgens is het geheel aan alle zijden voorzien van teakfineer. We zagen op Marktplaats een mooie aanbieding van een restant, we telden het aantal benodigde vellen uit, maar de leverancier deed ons voor het uitgetelde bedrag de gehele voorraad van de hand, waar wij bijzonder dankbaar voor waren, om nog een aantal van dit soort hobbyprojecten mee te kunnen doen. Het resultaat mag er zijn, wat ons betreft. Aan de uiteinden van de draagbalk worden er massief houten klosjes gelijmd waarlangs straks stevig elastiek wordt gespannen om de console zeevast maar demontabel op zijn plaats te houden. Daartoe ook de twee ingelijmde teakhouten vingerringen waardoor het elastiek wordt gevoerd. Verder het teak meerdere malen gelakt met een zijdeglans blanke lak.

Het geheel meerde malen blank gelakt
NASA Clipper navigatie instrumenten ingebouwd, te weten kompas, windrichting- en windsnelheidmeter en log
Instrumentenconsole passen op de boot

Elektronisch kompas

In de kajuit is er een luik aangebracht waarachter het elektronisch kompas gemonteerd gaat worden. Waarvan het display in het console geplaatst gaat worden. Daarmee is er aan boord zowel een ‘gewoon’ magnetisch kompas met een analoge aflezing, en een ‘fluxgate’ elektronisch kompas met een digitale aflezing. Het voordeel van het elektronisch kompas is dat er een koersafwijzing en een koersalarm kan worden ingesteld. Naast het elektronisch kompas wordt er een ‘Easylog’ geïnstalleerd, een display dat de informatie ontvangt van de aan boord geïnstalleerde GPS. Het ‘Easylog’ geeft de vaart en de afgelegde afstand over de grond weer. Als aanvulling op het geïnstalleerde log. De middelst klok is het display van de windmeter.

Kartonnen mal voor de opening van het ‘zwaluwnest’.
Het ‘zwaluwnest’ in het kajuitschot gaat afgesloten worden met een luikje, waarachter het electronisch kompas geplaatst gaat worden
Het instrumentenconsole met het NASA Clipper kompas, windmeter en log beschut tegen weer en wind onder de sprayhood boven de kajuitingang

Windstroom

Overtuigend de meest geschikte plaats voor de gever van windrichting en windsnelheid is ruim voor de top van de mast, en het liefst daarboven vrij van elementen die de windstroom kunnen beïnvloeden zoals verlichting en antennes. En vooral het effect van de zeilen, vergelijkbaar met de boeggolf stuwen ook mast en zeilen een windgolf vooruit. In principe is de gever van onze windmeter bedoeld voor montage nabij de top van de mast. Met bekabeling door de mast, dan met een dekdoorvoer naar onderdeks en vervolgens naar het display, de meest accurate windgegevens doorgevend. Desondanks gaan wij in dit stadium voor een andere optie, namelijk een korte mast aan het achterschip aan de hekstoel. Om praktische redenen.

Masttopunit

Een masttopunit is een gevoelig ding: dag en uur blootgesteld aan weer en wind, droge en natte en zoute lucht, een plek waar spinnen huizen en vogels insecten en soms plastic pikken. Een spinnenweb in combinatie met corrosie kan de zaak dagen stilzetten. Om te verhelpen zul je de mast in moeten of de hulp inroepen van een mastenkraan. Een ander iets is de dekdoorvoer: de bekabeling is bedoeld voor electronica, dun en kwetsbaar. Juist daar waar ander lijnwerk loopt. Daarbij is een dekdoorvoer gevoelig voor inwatering. Wij zijn gewoon om in de winter de mast van de boot af te (laten) halen. Opnieuw speelt de kwetsbaarheid een rol. Een andere optie is een draadloos systeem, dat bestaat. Maar daar los je niet alle problemen mee op. Bovendien bevindt zich dan in de top van de mast een batterij. Vroeg of laat uitgeput en aan vervanging toe.

No Bullshit, Just Sailing

Vandaar onze keuze voor een RVS steun van 150 centimeter achterop aan de hekstoel. Zodat we altijd zonder klimmen bij de windgever kunnen. Eventueel zelfs binnen kunnen opbergen wanneer we niet aan boord zijn. Dat gaat wel wat ver, maar het kan wel. Een nadeel is wel dat de windmeter zich lager boven het wateroppervlak bevindt, hoger waait de wind sneller, en in de afgebogen luchtstroom van de zeilen. Maar wij zijn toerzeilers die daar voorlopig mee kunnen leven. In navolging van Erik Aanderaa, een Noorse no nonsense zeezeiler die niet zeurt om een beetje wind maar gewoon gaat zeilen. Ook bij Erik Aanderaa een korte mast achterop zijn Contessa 35 waarmee hij weer of geen weer zeilt langs de Noorse kust, naar Jan Mayen, de Faeröers en naar IJsland. Ook bij hem de gever achter op een korte mast aan de hekstoel. NBJS, No Bullshit, Just Sailing. Geen Onzin, Gewoon Zeilen. Zo gaan wij het doen.

De instrumentenconsole blijft verbonden met de bekabeling maar kan als geheel binnen worden opgeborgen. En worden afgelezen.

Geef een antwoord