Gotthardpas

St.Gotthard

De Gotthardpas, in verschillende talen genoemd de Sint-Gotthard of Passo del San Gottardo, verbindt de Zwitserse plaatsen Andermatt in het kanton Uri met Airolo in het kanton Ticino. De pas heeft een lengte van ongeveer 26 kilometer, bereikt een maximale hoogte van 2106 meter en is onderdeel van de ruim 100 kilometer lange Gotthardstrasse. De Gottardpas ligt in het gelijknamige bergmassief, dat is vernoemd naar de heilige St. Gotthard uit Beieren. Bij sneeuwval is de bergpassage gesloten, het alternatief is dan de Gotthardtunnel, dwars door het bergmassief. Andermatt ligt in de Duitstalige Urseren-hoogvlakte, Airolo in de Italiaanstalige Valle Leventina. Het Gotthardmasief doorkruist de Lepontische Alpen waarmee de Gotthardpas deel uitmaakt van het hart van de Zwitserse Alpen.

Bestrating van de Via Tremola, een oorspronkelijke rijbaan over de Gotthardpas
Bergmassief Sint Gotthard, links een fragment van de klinkerweg, de Via Tremola
St. Gotthardpas Via Tremola

Tegenwoordig zijn er verschillende wegen door en over het Gotthardmasief. Er is de Gotthardstrasse over de pas, een geasfalteerde weg met vangrails geschikt voor vrachtverkeer en personenvervoer. Dwars door het bergmassief is er de Gotthardtunnel, de meest snelle verbinding van zuid naar noord of visa versa. Er is ook een treinverbinding onder de Gotthard door en er is de Via Tremola met vele haarspeldbochten, een klinkerweg daterend uit het begin van de negentiende eeuw. Deze laatste route is de meest primitieve route welke gebruikt wordt door wandelaars, wielrenners en oldtimer tractoren, maar ook door motorrijders en bestuurders van klassiek voertuigen bij wie het gaat om de uitzichten en de authentieke route. Op zomerse dagen zou je er zomaar een huifkar met een ezel kunnen treffen.

Subaru Forester 2.0 AWD op de Gotthardtpas langs de Via Tremola, de eeuwenoude weg met klinkers als bestrating.

Meerdere malen hebben wij in verschillende perioden de Gotthardpas gereden, de tunnel mijdend en de geasfalteerde Gotthardstrasse verkiezend op weg naar een vakantieadres of terug naar huis. Maar de gelegenheid deed zich voor om de Via Tremola te rijden, de klinkerweg met granieten palen langs de kant van de weg. Een route die gezien het wegdek erom vraagt om een passend tempo gereden aan te houden, maar die ook laat genieten van adembenemende uitzichten op historische trajecten. En vanzelfsprekend halverwege de passage van het hoogste punt een pauze om het moment te vieren.

Wandeltochten op de St. Gotthardpas
Bergmeer bij de passage van het hoogste punt van de route over de St. Gotthard
Bergmeer op de St. Gotthardpas, links de GotthardStrasse, rechts de Via Tremola
Sint Gotthardpas, overgang van talen en culturen

De Aare

Over waterrimpels gesproken, de Aare is de langste rivier geheel en al in Zwitserland gelegen. Zij ontspringt in de oostelijke Berner Alpen aan de Oberaargletsjer, stroomt door het Brienzer- en Thunermeer en loopt langs de bondsstad Bern en wordt vandaar het Bielermeer in geleid. Daarna volgt de Aare de zuidzijde van de Jura om bij Koblenz in Noordwest-Zwitserland de Rijn in te stromen.

Stuwmeren op de Grimselpas
Hospice en stuwmeer op de Grimselpas

Nabij de oorsprong van de Aare tussen Innertkirchen en Meiringen in het Grimselgebied doorkruist de rivier de diep ingesneden, 180 meter hoge en bij een gemiddelde waterstand 5 meter diepe Aareschlucht. Vandaar stroomt de Aare verder richting Brienz aan het Brienzersee om daarna bij Interlaken (vertaald: ‘Tussen de Meren’) de Thunersee binnen te stromen. Bij Thun verlaat de Aare de Thunersee weer en stroomt dan verder richting de stad Bern om daar langs het Zwitserse parlementsgebouw en met een boog om de oorspronkelijke stadskern heen te stromen, de rivierbocht die bekend staat als de ‘Aarelus’. Alhoewel de oorspronkelijke loop van de Aare de Bielersee zijdelinks liet liggen stroomt het gekanaliseerde deel van de rivier tegenwoordig de Bielersee in en vandaar uit van Biel naar Solothurn, vervolgens naar Olten en Aarau naar Brugg waar de rivieren de Reuss en de Limmat zich voegen bij de Aare om gezamenlijk, 291 kilometer van haar oorsprong vandaan bij het Zwitserse Koblenz in de Rijn te monden.

De Aare bij Bern voor de Aarelus
De Aare bij Bern na de Aarelus

De Aareschlucht

De Aareschlucht biedt een indrukwekkend aanzicht. In de diepe kloof is de invloed van het langsstromende water zichtbaar in de uitgesleten rotspartijen. Gedurende vele duizenden jaren heeft de rivier een diepe bedding uitgegraven in het kalkgesteente tot een diepte van zo’n 5 meter in een engte van 1,3 kilometer lang. Daarboven de stijle rotswanden tot een hoogte van 180 meter. Fascinerende is in de nauwe ravijn te zien hoe het water en in vroeger tijd gletcherijs gedurende duizenden jaren sporen heeft nagelaten in het gesteente. En hoe op plekken waar zonlicht de rotsen bereiken de vochtige rotsen begroeid raken met algen, mossen, varens en zelfs met struiken en geboomte. De kracht van de natuur en de wonderen van de schepping! De Aareschlucht is toegankelijk gemaakt voor bezoekers met ingangen nabij het treinstation van Meiringen als langs de bergweg vlak bij camping Aareschlucht. Houten loopplanken met een metalen hekwerk en een gangenstelsel door de rotsen heen laten bezoekers door de kloof heen wandelen, een paar meter boven het langsstromende water van de Aare, vlak langs de stijle rotswand. Op cruciale plekken is het voetpad verlicht, zoals in de grotten in de rotsen.

Rotspartijen in de Aareschlucht
Op de smalle stukken bedraagt de doorgang in de kloof tussen de rotsen amper één meter.
Algen, mossen, varens, struikgewas en geboomte op de rotsen van de Aareschlucht, de kracht van de natuur en het wonder van de schepping.

De Berenkuil van Bern

De stad naam van de Zwitserse stad Bern is onlosmakelijk verbonden met beren. Het Duitse woord Bären is daar de oorsprong van. De legende leert dat Hertog Berthold V van Zähringen in 1191 de stad Bern gesticht heeft en op het schiereiland in de rivierbocht van de Aare een zwarte beer zou hebben geschoten. Volgens de sage zou de hertog op deze heldendaad volgend de naam Bern voor de nederzetting aan de Aare hebben bedacht. Waarbij gebruik werd gemaakt van de natuurlijke verdedigingslijn: de oude binnenstad wordt aan drie zijden werd ingesloten door de langsstromende rivier de Aare. Om de westelijke toegang te beschermen werden een muur en een toren gebouwd.

De oude binnenstad van Bern waar de rivier de Aare omheen loopt
De gevel van de Heiliggeistkirche in Bern, ook voorkomend in de James Bondfilm ‘On her Majesty’s secret service’
Één van de stadtorens van Bern

De stad Bern doet al sinds de middeleeuwen zijn naam eer aan door het in stand houden van berenkuilen met levende beren. Naar het schijnt al sinds het jaar 1513. In 1798 zou Napoleon Bonaparte niet alleen karrenvrachten aan goud en zilver uit de Staatskas van Bern hebben meegenomen maar ook de levende beren als buit met de bedoeling om de wilskracht van de Berner bevolking te breken. Maar Bern hield stand en de naam in ere, voortdurend behield de stad levende beren. Diervriendelijker heeft men vanaf 2009 een berenpark ingericht en wordt de nog aanwezige berenkuil uit 1857 niet meer gebruikt voor het houden van de dieren.Het Duitse ‘Bärengraben’ voor ‘Berenkuil’ klinkt inderdaad als een ‘graf’ waarin de beren verbleven. Nu kan het altijd beter maar het Berenpark aan de oever van de Aare is al een hele verbetering.

De Berenkuil van Bern, sinds 2009 omwille van diervriendelijkheid niet meer bewoond door beren.
Links op de foto de in 2009 in gebruik genomen Berenpark in Bern langs de oever van de Aare, het diervriendelijke alternatief voor de Berenkuil
Bruine beer in het Berenpark van Bern

Engelberg

Alleen de naam al doet vermoeden dat er een verband is tussen engelen en bergen. Een legende verteld dat er in het jaar 1120 vanaf de berg de Hahnen nabij de Fürenalp de stem van een engel heeft geklonken die zei dat er in het door landbouwers en veehouders bewoonde dal een Benedictijnenklooster gesticht moest worden. En zo geschiedde dat Engelberg verrijkt is geworden met een indrukwekkend klooster, vast en zeker groter van omvang dan in de middeleeuwen maar waarin thans verschillende ambachten worden vervuld zoals het onderhouden van een kruidentuin, een kaasmakerij en een medisch centrum, waarmee zoals oorspronkelijk al bedoeld het klooster dienstbaar is aan de gemeenschap van Engelberg. Maar het klooster wordt ook nog bewoond door Benidictijner nonnen die trouw hun roeping vervullen.

De Hahnen bij de Fürenalp, het bergmassief waarvan volgens de legende in het jaar 1120 de stem van een engel heeft geklonken
Het Benedictijnenklooster van Engelberg aan de voet van de Hahnen en de Fürenalp
Links op de kaart Engelberg, met even rechts daarvan het bergmassief de Hahnen
Kudde geiten met bellen nabij de Fürenalp

Vanuit het dal van Engelberg is het mogelijk om met kabelbanen dichter bij de bergtoppen te komen. Onder andere de Titlis en de daar nog aanwezige gletcher moet een indrukwekkend schouwspel zijn. Ook is er een funiculaire, twee wagonnen rijdende op rails en hangende aan een kabel die elkaar in evenwicht houden, de berg op en af. Sportiever is de wandeltocht naar de bergen langs de verschillende voetpaden, waarbij wel een goede conditie nodig is. Maar de beleving is er niet minder om. En wat te denken om dan al is het nog maar net herfst in de eerste sneeuw van het jaar te lopen. Om dan in een ogenschijnlijk verlaten berghut een gastvrij onthaal te vinden bij de warme kachel en warme koffie met heerlijk warm gebak. Over engelen gesproken. Ze blijken dus echt te bestaan.

Bergweg naar de Fürenalp
Berghut bij Stäfeli op 1393 meter boven zeeniveau