Hollands Glorie (2) ms Hudson

Museumschip Hudson 1939

Museumschip Hudson
Motorsleepboot Hudson, 1939

Motorsleepboot Hudson (1939)

Motorsleepboot Hudson is op 15 april 1939 te water gelaten bij scheepswerf Piet Smit Jr. te Rotterdam. En daarmee met voorsprong de enige vooroorlogse nog bestaande motorsleepboot in Nederland. Andere motorsleepboten zijn gesloopt of verloren gegaan. Weliswaar kan het schip niet meer op eigen kracht varen, schroef, schroefas en roerwerk ontbreken, evenals een algehele technische uitrusting, maar het schip geeft een goed beeld weer van vooroorlogse motorzeesleepboten. Het schip is gebouwd in opdracht van L.Smit & Co’s Internationale Sleepdienst Maatschappij N.V. te Rotterdam.  Bij de nieuwbouw is er een 5 cilinder Smit-Burmeister & Wain (B&W) Smit geïnstalleerd met een asvermogen van 650 Pk ofwel 478 kW.

Technische gegevens

Voormalige motorsleepboot Hudson
Bouwjaar: 1939
Stapelloop: 15 april 1939
Proefvaart: 4 juli 1939
Bouwwerf: P. Smit Jr NV in Rotterdam
Bouwnummer: 522
Tonnage: 294 Brt
Lengte over alles: 35.26 meter
Lengte tussen de loodlijnen: 35 meter
Breedte over alles: 7.45 meter
Diepgang: 3.50 meter
Voortstuwing: 650 pk Bürmeister & Wain 535-VF-62
Ter indicatie/decoratie: 200 pk Industrie type 4VD6A
zie hier een vergelijkbare dieselmotor

Zie hier een Doorsnede Vierslag Kruishoofdmotor

Bijzonderheden: In 1963 omgebouwd tot ijsfabriek met jarenlange ligplaats in Stellendam. In 1989 begonnen om de Hudson in oude staat terug te brengen. De Industrie motor staat als illustratie in machinekamer.

Levensloop motorsleepboot Hudson 1939

In 1939 in de vaart gebracht als motorsleepboot ‘Hudson’ voor L. Smit & Co Internationale Sleepdienst Maatschappij NV in Rotterdam. 3 juli 1939 vond de proefvaart plaats, op 15 juli 1939 vertrok ms Hudson voor haar eerste sleepreis met een baggermolen naar Beira, Mozambique. Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in 1940 ging zij varen voor de Royal Navy te London, onder gezag van kapitein Ben Weltevreden. In 1946 is het schip weer volledig overgedragen aan L. Smit & Co Internationale Sleepdienst Maatschappij NV in Rotterdam. In 1962 krijgt de motorsleepboot de naam Ebro nadat stoomsleepboot Ebro is vergaan in de mond van de Westerschelde, waarbij het schip onder de vlag komt voor rederij L. Smit & Co Internationale Sleepdienst Maatschappij NV in Rotterdam.

De ‘Hudson’ was eigenlijk het prototype van een later te bouwen grote serie motorzeesleepboten met namen als ’Tyne’, ‘Witte Zee’, ‘Java Zee’, ‘Poolzee’, ‘Humber’ en de in 1952 nog gebouwde Loire’.

De lengte van de ‘Hudson’ zou 37.55 meter bedragen en haar breedte 7.40 m. Het schip moest worden uitgerust met een tweetakt 5 cilinder dieselmotor van Burmeister & Wain type 535-VF-62 van 600 pk bij 180 omwentelingen per minuut, het schip zou daarmee een snelheid behalen van 11 mijl per uur.

Het ontwerp van de ‘Hudson’, de derde sleepboot met deze naam voor de rederij, was van de hand van Ir. W. van Beelen, toen nog in dienst van de sleepdienst, maar later directeur bij J. & K. Smit te Kinderdijk, een werf die vele sleepboten bouwden.

Museumschip Hudson

In 1963 wordt de sleepboot omgedoopt tot ‘Johan-Dirk’ en overgedragen aan D. de Jager in Stellendam en omgebouwd tot drijvende ijsfabriek. Waarna in 1977 het schip de naam Elizabeth krijgt bij eigenaar H. Tanis in Stellendam. In 1989 wordt de Elizabeth verkocht aan Stolks Handelsondeneming BV in Hendrik Ido Ambacht, sloop dreigde. De heer P. de Nijs, kapitein bij L. Smit & Co’s Internationale Sleepdienst richtte in datzelfde jaar de ‘Stichting Help de Hudson’ op, met als doel het schip te behouden als museumschip.

Voor het verhaal van de Hudson gedurende de Tweede Wereldoorlog klik hier

Zie ook Scheepsdieselmotoren

Geef een antwoord