GELIJKSTROOM

Wet van Ohm

Volt, spanning

Een elektrische spanning is te begrijpen als de druk in een systeem. In een waterleidingsysteem heerst een bepaalde vloeistofdruk. Deze druk maakt dat het water uit de waterkraan komt wanneer deze wordt geopend. De elektrische spanning is daarmee vergelijkbaar. Maakt dat elektrische stroom gaat ‘stromen’. De elektrische spanning wordt uitgedrukt in de eenheid Volt (V).

Ampère, stroom

Een vergelijk met een waterleidingsysteem gaat ook op voor de elektrische stroom. Het is de snelheid waarmee de elektrische stroom door het systeem gaat stromen. De elektrische stroom wordt uitgedrukt in de eenheid Ampère (A).

Ohm, weerstand

Een vloeistof dat zich beweegt door een leidingsysteem ondervindt een zekere weerstand, zowel langs de wanden maar ook wanneer er ‘hindernissen’ zijn in het systeem zoals een vernauwing of verruwing. De stroom wordt ‘afgeremd’. Ook een elektrische stroom zal weerstand ondervinden. De elektrische weerstand wordt uitgedrukt in Ohm (Ω).

U = I * R

Spanning (Volt) = Stroom (Ampère) * Weerstand (Ohm)

Eenhedenvergelijking V = A * Ω

Watt, vermogen

Stel dat er in een waterleidingsysteem een lage druk heerst. En stel dat we met de waterstroom een scheprad aan willen drijven, en we zetten de waterkraan vol open. Er zal een langzame waterstroom beschikbaar zijn. Het scheprad zal dan langzaam gaan draaien. Stel dat er een hoge druk heerst in het watersysteem, en we doen hetzelfde. Het water zal met kracht uit de kraan spuiten. En het scheprad zal dan krachtig gaan draaien. Deze vergelijking gaat om met elektrisch vermogen. Hoe hoger de spanning ofwel voltage (V), hoe hoger het aantal Ampères (A), hoe meer elektrisch vermogen (W) er wordt opgewekt.

P = U * I

Vermogen (Watt)  = Spanning (Volt) * Stroom (Ampère)

P = I * R * I

P = I² * R

Vermogen (Watt) = Stroom (Ampère) ² * Weerstand (Ohm)

Eenhedenvergelijking W = I² * Ω

Joule, arbeid/werk

W = P * t

Arbeid (Joule) = Vermogen (Watt) * tijd (seconde)

Eenhedenvergelijking J = W * sec

W = U * I * t

Arbeid (Joule) = Spanning (Volt) * Stroom (Ampère) * tijd (seconde)

Eenhedenvergelijking J = V * I * t

Capaciteit, Ampère-uur

C = I * T

Capaciteit (Ampère-uur) = Stroom (Ampère) * Tijd (uur)

Eenhedenvergelijking Ah = I * Uur