Zeilen in Zeeland

IJsselmeer, Waddenzee en de Friese Meren in vergelijk met de Zeeuwse Stromen

Tientallen jaren hebben wij gezeild op het IJsselmeer, de Waddenzee en de Friese Meren. Voor de volledigheid horen daar ook het Markermeer en de Randmeren bij. Voor het eerst hebben wij dit jaar een zeilvakantie gehouden op de Zuid-Hollandse- en Zeeuwse wateren: het Volkerak en de Krammer, de Grevelingen, de Oosterschelde en het Veerse Meer. Waarbij we een aantal overeenkomsten en verschillen hebben opgemerkt tussen het zeilen in het noorden of in het zuiden van ons land. In willekeurige volgorde onze bevindingen:

De afstanden van aanlegplaats tot aanlegplaats zijn over het algemeen in Zeeland korter dan aan het IJsselmeer en de Waddenzee. Zeker wanneer je het tij mee hebt kun je binnen een paar uur zeilen / varen in de volgende haven zijn.

Op het IJsselmeer en het Markermeer vaar je veelal op open onbeschut water. Weliswaar zouden de Markerwadden of omliggende dijken wat luwte of vlak water kunnen bieden, maar in de Zeeuwse wateren zoals het Veerse Meer of het Zuid-Hollandse Volkerak is daarin beduidend beschutter. Al kan ‘wind tegen stroom’ ook een korte golfslag doen ontstaan.

Burghsluis met op de achtergrond de Oosterschelde stormvloedkering

Grote delen van de Zeeuwse wateren zijn zout of brak. En dat houdt in een andere biodiversiteit dan op het IJsselmeer en het Markermeer. Lees: geen muggen, wel kwallen. Van die laatste hebben wij overigens in het geheel geen last gehad. Prachtig om in de Oosterschelde ook bruinvissen en zeehonden waar te nemen.

In de Zeeuwse wateren troffen wij een aantal verenigingshavens aan waar men merkbaar trots op de haven was en bovendien uitzonderlijk gastvrij. Weliswaar weten wij van een aantal havens aan het IJsselmeer waar we weleens een bijboot achter konden laten alvorens het Wad op te gaan, en waar we gratis fietsen konden lenen, maar een aantal maal stonden koffie en thee in de Zeeuwse havens klaar in het clubhuis. Waar we hartelijk werden uitgenodigd.

Het IJsselmeer biedt gelegenheid tot het zeilen van lange rakken en kruisslagen, waarbij onderweg zelfs wat geoefend kan worden met een sextant als je dat interesseert. Dat is in Zeeland wel anders, je vindt niet zomaar een vrije horizon in het zuiden. Evenals op de Waddenzee zijn er plekken waar je droog kunt vallen zoals we zagen op de platen voor Sint Annaland. Maar de Waddenzee lijkt ons meer stille ‘droogvalplekken’ te bieden. We zagen bij Sint Annaland ook meerboeien net buiten de vaargeul. Mooi initiatief!

Haven van Veere

Het IJsselmeer en de Waddenzee hebben hun eigen karakteristiek met van oorsprong historische havens zoals Muiden, Durgerdam, de havens aan de Gouwzee, Hoorn, Enkhuizen, Medemblik, Makkum, Workum, Stavoren en Lemmer. En natuurlijk Harlingen en West-Terschelling aan de Waddenzee. Zoals ook de afzonderlijke Waddeneilanden hun eigen karakter hebben. Met zeehavens als Harlingen, West-Terschelling en Oudeschild. In Zeeland meer kleinere dorpen en mooi aangelegde jachthavens in voormalige werk- en vluchthavens.

Het varen op getijdewateren in de voormalige zeegaten heeft een eigen dynamiek, maar is minder bepalend dan bijvoorbeeld aan de Waddenzee en in de Waddenzeehavens. Zelf rekenden wij wel met het tij en planden we ons vertrek zoveel mogelijk met het getij mee. Maar het was geen absolute noodzaak, er is altijd wel een traject waarop de stroom een deel mee en een deel tegen is. Maar het varen op stromend water geeft net als op de Waddenzee ook een eigen dynamiek en een extra dimensie. Die wij wel waarderen.

Hebben wij het IJsselmeer en de Waddenzee gemist? Ja, maar dan vooral het bekende en het vertrouwde. Hebben wij van de Zeeuwse Stromen genoten? Ja, en dan vooral van het verrassende onbekende.

Jachthaven in het Havenkanaal van Zierikzee

Geef een antwoord